Buitenland
Trump-administratie doet beroep op Hooggerechtshof voor uitzettingen naar derde landen
De Trump-administratie heeft het Hooggerechtshof gevraagd om snelle uitzettingen van immigranten naar andere landen dan hun eigen land toe te staan, in strijd met lagere rechtbankuitspraken.

De Trump-administratie heeft het Amerikaanse Hooggerechtshof gevraagd om de voortzetting van een beleid toe te staan dat de uitzetting van immigranten naar derde landen, waar zij geen banden hebben, mogelijk maakt. Op donderdag kondigde procureur-generaal Todd Blanche aan dat de administratie probeert een uitspraak van een lagere rechtbank te vernietigen die deze uitzettingen tijdelijk had stopgezet.
In de aanvraag benadrukte het Department of Justice de noodzaak van onmiddellijke actie om deze uitzettingen te hervatten, waarbij werd gesteld dat de uitspraak van de lagere rechtbank onnodige vertragingen in het immigratieproces creëert. De administratie beweert dat het vermogen om ongedocumenteerde immigranten snel naar derde landen te verwijderen cruciaal is voor het handhaven van een veilig immigratiesysteem.
De aanvraag omvat ook een eis om beperkingen op te heffen die vereisen dat uit te zetten personen de kans krijgen om hun verwijdering op basis van mogelijke vervolging in het ontvangende land aan te vechten. De lagere rechtbanken hebben eerder aangegeven dat personen die worden uitgezet, de mogelijkheid moeten krijgen om hun angsten voor vervolging aan te voeren voordat ze naar een ander land worden gestuurd.

Uit rapporten blijkt dat de meerderheid van de mensen die onder dit beleid zijn uitgezet, naar Mexico is gestuurd, hoewel de administratie overeenkomsten heeft gesloten om migranten naar verschillende andere landen uit te zetten. Volgens mensenrechtenorganisaties zijn meer dan 25.000 migranten al beïnvloed sinds de implementatie van dit beleid.
Juridische experts hebben de controversiële aard van deze uitzettingsstrategie opgemerkt, waarvan sommigen beweren dat deze de rechten van migranten om asiel aan te vragen ondermijnt. De aanpak van de administratie heeft te maken gehad met uitdagingen in de rechtbank, waarbij verschillende rechters de legaliteit en ethische implicaties van de verwijdering van individuen zonder het overwegen van hun specifieke omstandigheden in twijfel hebben getrokken.
De zaak ligt nu in handen van een Hooggerechtshof met een conservatieve meerderheid, wat de uitkomst van dit beroep zou kunnen beïnvloeden. De rechters hebben eerder toegestaan dat sommige aspecten van het uitzettingsbeleid doorgaan terwijl de juridische strijd zich ontvouwt, en het blijft onduidelijk hoe zij over deze laatste aanvraag zullen oordelen.